ANNEXURE XIII.
DESCRIPTIONS OF MISCELLANEOUS OFFICIALS.
Ustuf. MAY (Ernst Georg).

Seen by GISKES between February 1942 and March 1944 in The Hague, Driebergen and Haaren. At that time was responsible for the examination of agents in WT and codes for the NORDPOL affair, and therefore lived chiefly in the Haaren camp, where the prisoners were brought. A fanatical National Socialist, who howver treated the prisoners well and with great care.
Description:

German; aged about 38, strong build, height about 1.74 m; light brown hair; grey eyes; cleanshaven; wore civilian clothes, seldom uniform; speaks German with Swabian accent.

Op 10 maart 1941 naar Nederland, den Haag, gekomen en bij Schreieder te werk gesteld. Daar is hij omtrent september - oktober gaan coderen en decoderen.
Na zijn gevangenname volgt de rechtszitting op 24 nov 1948 te Amsterdam
Is (mogelijk gedwongen) betrokken geweest bij de executie van ca 60 Russische krijgsgevangenen, uit Mongolië, op 9 april 1942 in kamp Amersfoort.
Wordt op 31 december 1949 tot 10 jaar veroordeeld, met aftrek van voorarrest vanaf 6 mei 1945. Over de grens gezet op 22-12-1950.



Hstuf. WACKER (Heinrich).

Seen in the winter of 1942 at Haaren, where he was Leiter of the prison. After the escape of the second group of NORDPOL agents (
van Rietschoten, van der Giessen en Wegner), he was dismissed and removed to The Hague. It is believed he did his best to treat the prisoners well. LAUWERS and JORDAAN must know him well.

Description:

German; aged about 48; broad shoilders; height about 1.73 m; dark brown hair; slightly grey; probably wears glasses, certainly for reading; small moustage; wore uniform.



Obstbaf. Lages (Willi).

Seen 1942/43 in Amsterdam where he was Leiter of the Amsterdam Aussenstelle of the Sicherheitspolizei and the SD.

Description:

German; aged about 40; slender; athletic build; height about 1.80 m; dark brown hair; grey? eyes; thin, haggared face; healthy complexion; cleanshaven; wore SS uniform.

Willi Paul Franz Lages (Braunschweig, 5 oktober 1901 – Braunlage, 2 april 1971) was een Duitser die gedurende de Tweede Wereldoorlog, als SS-Sturmbannführer (majoor), hoofd van de Aussenstelle (regiokantoor) der Sicherheitspolizei und des Sicherheitsdienstes voor Noord-Holland en Utrecht was. Hij hield kantoor in Amsterdam. Na de oorlog was hij een van de Vier van Breda.

Lages werd in 1941 aangesteld als leidinggevende van de Zentralstelle für jüdische Auswanderung in Amsterdam (Centraal bureau voor Joodse emigratie), een functie die hij een tijdlang samen uitoefende met SS-Obersturmführer Erich Rajakowitsch. Hij verving Hellmuth Reinhard. Lages werd hierdoor medeverantwoordelijk voor de deportatie van Joden uit Nederland naar concentratie- en vernietigingskampen in Duitsland en bezet Polen.
ages was betrokken bij de arrestatie van de verzetsman Johannes Post en was aanwezig bij diens executie en die van andere verzetsstrijders, op 16 juli 1944. Ook was hij verantwoordelijk voor de Silbertanne-moord op de schrijver A.M. de Jong en voor de executie van Hannie Schaft.
Lages stond op 19 juli 1946 voor het eerst terecht en werd op zeven punten aangeklaagd, onder andere voor Jodenvervolgingen, razzia's, Silbertanne-moorden en brandstichting. Op 20 september 1949 werd hij door het Amsterdams Bijzonder Gerechtshof ter dood veroordeeld. Hij werd er door het hof onder meer van beticht bewust toegelaten te hebben dat zijn minderen weerloze arrestanten mishandelden om informatie uit hen te verkrijgen. Gevangenen werden met gloeiende voorwerpen bewerkt, met de vuist gestompt en geslagen met gummistokken, zwepen en andere voorwerpen, alsook lange tijd geboeid in een ongemakkelijke positie geplaatst. Gloeiende naalden werden onder nagels van handen en voeten gestoken en ze werden dagen- en nachtenlang ononderbroken verhoord. De Bijzondere Raad van Cassatie bevestigde het vonnis op 12 juli 1950.
Demonstratie tegen mogelijke amnestie van Lages (Nieuwmarkt, 1952)
Koningin Juliana, die grote gewetensbezwaren tegen de doodstraf had, weigerde tot tweemaal toe dit doodvonnis te ondertekenen, dit overigens zeer tegen de zin van het kabinet. Bij koninklijk besluit van 23 september 1952 werd het doodvonnis omgezet in een levenslange gevangenisstraf. Op deze gratieverlening volgden meerdere demonstraties. De grootste daarvan, met 15.000 tot 20.000 deelnemers, werd gehouden op 12 oktober 1952.
Op paaszaterdag 1954 ging Lages over tot het rooms-katholieke geloof. Het vormsel werd hem toegediend door de pauselijke internuntius Paolo Giobbe. Peter en meter waren zijn raadsman en Tweede Kamerlid Karel van Rijckevorsel en diens echtgenote.
Lages werd per 24 februari 1955 in Breda geïnterneerd. Nadat alle andere oorlogsmisdadigers, zowel in Breda als in de rest van Nederland, vrijgelaten waren, bleven Lages, Joseph Kotalla, Ferdinand aus der Fünten en Franz Fischer (drie andere Duitse oorlogsmisdadigers, die al sinds 7 november 1952 in Breda verbleven in de Koepel achter. Gezamenlijk stonden ze bekend als de Vier van Breda.
Wegens goed gedrag kwam Lages in aanmerking om in de gevangenis tegen een minimale financiële vergoeding werkzaamheden te verrichten. Hij kwam terecht in het badhuis, waar hij voornamelijk vuil en schoon wasgoed telde. Ook hield hij zich bezig met licht verstelwerk.
Wegens ernstige ziekte werd Lages op 18 mei 1966 in het Centraal Ziekenhuis van het Gevangeniswezen te Vught opgenomen. Er werd een hartaandoening geconstateerd, waarna zich ernstige complicaties voordeden. Minister van Justitie Ivo Samkalden verleende hem op humanitaire gronden een strafonderbreking van 'ten hoogste drie maanden'. Op 9 juni 1966 werd hij per ambulance naar de Bondsrepubliek Duitsland gebracht in de verwachting dat hij in die periode zou overlijden. Zijn vrijlating leidde tot grote verontwaardiging van velen in Nederland.
De Nederlandse artsen vermoedden dat Lages darmkanker had, maar hadden hem niet durven opereren. In West-Duitsland werd hij wél geopereerd. Tijdens de operatie bleek dat hij geen darmkanker had, maar een darmafsluiting (die, indien Lages niet geopereerd zou zijn, eveneens dodelijk zou zijn geweest). In november 1966 verliet Lages het ziekenhuis. Doordat hij volgens de West-Duitse grondwet niet kon worden uitgeleverd, kwam het erop neer dat hij, zolang hij zou afzien van reizen buiten West-Duitsland, vrij man was. Hij vestigde zich in het kuuroord Braunlage, waar hij in de villa van Rudolf Ehrhardt, tijdens de oorlog een bekende nazi, trok. Hij leefde nog bijna vijf jaar. In april 1971 overleed hij op 69-jarige leeftijd aan een hersentumor.
Bron: Wikipedia





                                                                                                 
weggum.com