JOHANNES MUNT.
Johannes Heinrich Louis (Hans) Munt Hamburg 7 februari 1906

Hij diende van 1937 tot 1940 in de Spaanse burgeroorlog bij de Feldpolizei van het Duitse legioen “Kondor”. Hij kwam in mei 1940 bij de Sicherheitsdienst Referat IV E1 (contraspionage) in Den Haag werken.
Bruno Wolff, die de leiding had over het Referat van de Sicherheitsdienst voor de bestrijding van het communisme in Den Haag, werd in 1942 opgevolgd door Albert Barkov en die na enkele maanden door Johannes Munt. Hij had toen de rang van Hauptsturmführer en werd later bevorderd tot Obersturmführer. In de praktijk hield Munt zich vooral bezig met het bestrijden van het communisme, waarbij de wrede Ernst Knorr aan de kant werd geschoven en vervolgens naar de Aussenstelle Groningen weggewerkt. Een van zijn ondergeschikten was de vooroorlogse Duitse spion Bonn die tijdens de oorlog een paar reizen naar Londen maakte.
In 1942 had hij de leiding bij het proberen observeren van de tweede afspraak van de communistische verzetsman Gerrit Kastein bij het station Laan van Nieuw Oost-Indië. Hij had ook de leiding bij de poging de communistische verzetsman Gerben Wagenaar bij station Staatsspoor in de val te laten lopen.
Na de Duitse nederlaag bij Stalingrad begon hij zich zorgen te maken over zijn toekomst na een totale Duitse nederlaag. In het voorjaar van 1943 liet hij daarom de gearresteerde communist Piet Wapperom vrij. Hij had zich laten overhalen door diens vrouw Kitty en vond de blonde haren en blauwe ogen van het zoontje dermate ‘edelgermaans’ dat hij Wapperom vrijliet. Mogelijk was een overweging dat hij Wapperom in diskrediet bij het communistisch verzet wilde brengen en daar op een of andere manier garen bij hoopte te spinnen. Voor Wapperom betekende het dat hij niet naar een concentratiekamp werd gestuurd, maar het diskrediet resulteerde in een zware periode na de oorlog.
In 1943 werd het Sonderkommando Munt gevormd, dat verder bestond uit Otto Lange, Wilhelm Mönnich en een aantal Amsterdamse SD’ers. Op basis van gegevens die door Jacob Mendels en Anton van der Waals waren achterhaald werden een aantal leden van de groep Wollweber in Amsterdam gearresteerd: Pam Pooters, vijf Duitse emigranten en nog acht andere communisten. Er werden vier zenders achterhaald die gebruikt werden voor contacten met Moskou en Londen; een vijfde zender die doorgaans door Wim Gnirrep bediend werd, kon op het nippertje door Jopie Gnirrep-Harthoorn met hulp van haar zus Mattie weggewerkt worden.

Munt was een postzegelverzamelaar. Toen hij bij een postzegelhandelaar bijzonder exemplaren ontdekte, liet hij hem arresteren en beschuldigde hem van het handelen in valse postzegels. Hij liet de handelaar vrij nadat die afstand had gedaan van zijn collectie.
In het laatste oorlogsjaar selecteerde Munt aanmerkelijk meer dan honderd arrestanten om bij wijze van represaille veelal publiekelijk geëxecuteerd te worden. Als hij niet genoeg Todeskandidaten had, gaf hij opdracht aan plaatsvervangend hoofdcommissaris Valken om mensen uit de gevangenis te leveren om doodgeschoten te worden. De mensen die Munt zelf selecteerde waren ter dood veroordeelden. Dat waren vrijwel altijd administratief, dus zonder proces met voorafgaand juridisch onderzoek, ter dood veroordeelden. Deze procedure was van toepassing op communisten, mensen in het bezit van een vuurwapen of explosieven en later ook plunderaars na bombardementen. In maart 1943 leverde hij 78 mensen om naar aanleiding van de aanslag op Rauter doodgeschoten te worden, waarbij een flink aantal leden van de Trouw-groep, en een paar dagen later nog eens zeven om in Rotterdam doodgeschoten te worden. Soms haalde Munt iemand van de lijst van Todeskandidaten en dat noemde hij dan ‘iemand het leven schenken’, alsof hij God was. In de praktijk kwam het erop neer dat in plaats van zo iemand, hij iemand anders uitkoos om doodgeschoten te worden.
Omstreeks 1944 kreeg Munt, die getrouwd was, een relatie met de typiste Anna Overhage bij de Sicherheitsdienst. Hij vertelde Overhage dat zijn vrouw tbc had en niet meer lang zou leven. Hij deed haar een trouwbelofte. Maar toen hij eind jaren veertig naar Duitsland mocht terug mocht gaan, keerde hij terug naar zijn vouw, die nooit tbc had gehad en hij liet Overhage stikken.

Na de oorlog verklaarde hij dat hij aan het eind van de oorlog veel mensen het leven gered had, door ze van een lijst van te fusilleren personen af te halen, maar hij vertelde er niet bij dat in die gevallen een ander gefusilleerd werd, want het aantal te fusilleren personen stond vast.
Hij organiseerde verschillende gespreksbijeenkomsten met leden van het verzet om te praten over het concentreren van de wapens van het verzet en het stoppen van aanslagen op alleen lopende Duitse militairen, waartegenover hij dan wilde beloven geen verzetsmensen meer te executeren, maar alleen ter dood veroordeelden (dat waren meestal communistische verzetsmensen). De vertegenwoordigers van het verzet hadden echter geen mandaat van de organisaties die ze zeiden te vertegenwoordigen, terwijl een deel van de verzetsvertegenwoordigers, zoals Reinder Zwolsman, eigenlijk V-Männer van de Sicherheitsdienst waren.


Bron: Rudi Harthoorn.
WEGGUM.COM