RADIODIENST.
Ontstaan.

De oprichter was Jan Karel Thijssen (Lange Jan) . Nadat hij in 1943 de radiodienst van de Orde Dienst verlaten had, werd door hem het plan opgevat een radiodienst op te richten die geheel onafhankelijk zou staan van de illegale organisaties, maar die alle berichten voor de organisaties zou kunnen doorgeven, zoowel in Nederland zelf als ook aan Engeland.
Het was zijn bedoeling naast buitenlandsche verbindingen, ook een binnenlandsch radionet te organiseren. Het land werd hiertoe verdeeld in 12 radiodistricten.
In December 1943 was de Radiodienst nog maar een schema.


Verbinding met Engeland
.

De Radiodienst heeft in den beginne veel moeite gehad een goed radiokanaal met de overkant te krijgen. Andries Aussems - de speciale boodschapper naar Engeland - stak in October 1943 naar Engeland over met opdrachten van de Raad van Verzet, alsmede van de Radiodienst om voor de buitenlandsche verbinding te zorgen.


Januari 1944, 1e buitenland contact
.

Deze buitenlandsche verbinding arriveerde in de vorm van een agent (
Harm Steen) met volledig buitenlandsch toestel (Paraset?) met daarbij behoorende code en seinplan, bij Hein op den Velde van de Orde Dienst. Hij stond deze verbinding niet aan de Radiodienst af, maar gebruikte ze voor de Orde Dienst en eigen organisatie. Wel heeft de Radiodienst via Hein verschillende berichten verzonden.


Januari 1944, 2e buitenland contact.

Via JOOST (H.G. Schadd) en TOM (Mr. T. Schadd) kwam de Radiodienst in contact met JAAP (Lt. Martin Wiedemann), hier gedropped in October 1943 als agent van het I.O. (
Bureau Inlichtingen?) voor de groep 'Fiat Libertas'. Hij werkte op zendposten van de Radiodienst en verklaarde zich bereid ook berichten van de Radiodienst door te geven.
Later - na het volbrengen van zijn taak - stond hij, na goedkeuring van zijn Bureau, toestel, code en seinplan aan de Radiodienst af.
Andries Ausems - inmiddels teruggekomen (als ANTON) - was erin geslaagd dat de Radiodienst door de Regeering werd erkend en officieel overgenomen.


Het binnenlandsche net.

Intusschen had de Radiodienst niet stil gezeten. De werkzaamheden om een goed functionneerend binnenlandsch net op te bouwen, eind 1943 in volle gang.
LANGE JAN (
Thijssen) werd bijgestaan door:

TINY (Tiente van Hoorn Alkema-Schadd) als secretaresse en koerierster.

FLOOR , later LEX (Floris van der Laaken) technicus huisdienst. Na gevangenneming LANGE JAN, Landelijk Commandant van de Radiodienst, opgevolgd door TOM (Mr. T. Schadd) en na zijn arrestatie JOOST (H.G. Schadd) als technicus voor bouw- en ontwikkeling van de apparaten.

ROEL (Ir. T.W. la Riviére) als technicis voor het ontwerpen en ontwikkelen van apparaten.

WIM (W.J. van Hoorn Alkema) als code deskundige, koerier en secretaris.

ANTON (Andries Ausems) als speciale boodschapper Engeland.

FREDDY (Jurriaanse) als hulp technicus.


Het materiaal van de N.S.F. via diverse Radiodienst leden welke op de N.S.F. werkzaam waren.

Via de Nederlandsche Seintoestellen Fabriek in Hilversum wist men aan het noodige materiaal te komen. ROEL zag kans materiaal voor 30 zendontvangers binnenland min of meer legaal (o.a. door gefingeerde opdrachten op zijn eigen naam) weg te smokkelen met auto's van de N.S.F. naar Loosdrecht, zogenaamd om proef te draaien, waarna ze weer naar Hilversum werden vervoerd.
Een veilige schuilplaats verleende 'De Waschman' (Korten), welke alles in en onder de vuile wasch verstopte. Is het een wonder dat een 'ZOBI' (zendontvanger) nog lang aan diverse leden van de Radiodienst een associatie heeft gegeven van de 'typische lucht' des waschmans interieur?
De bouw van zenders geschiedde onder leiding van JOOST, waarna de zenders door diverse koeriersters ter bestemde plaatsen werd gebracht.

In mei 1944 werd het eerste contact tusschen Centrum en Eindhoven gelegd.

Op 9 Juni 1944 had een uitgebreide proefuitzending binnenland plaats. Helaas werd Amsterdam toen reeds op heeterdaad betrapt, het district stond onder leiding van LOUIS (
Cornelis Hermanus van Beukering), waarna deze en twee telegrafisten gearresteerd werden en niet weer terugkeerden.(Wie waren deze marconisten?)
Deze arrestatie was het gevolg van de arrestatie van twee agenten van B.B.O., die wat hun radioverbindingen betrof, zouden samenwerken met de Radiodienst. (
Waren die Cnoops en Celosse?)
Bron: Oorlogsbronnen.
Portretfoto van de in de oorlog gefusilleerde Jacob (Jaap) Paap uit Hilversum op 18-jarige leeftijd. Hij was in de oorlog een actief verzetsman bij de Nederlandse Seintoestellen Fabriek. Jaap Paap werd in juni 1944 gepakt, gedeporteerd en slechts drie dagen voor de bevrijding gefusilleerd
Op 12 Juni 1944 werd de Centrum-zender door de SD overvallen en de marconist ARIE (Kerkhoff) op heeterdaad betrapt. ROEL, welke toevallig ter plaatste was voor inspectie en JAAP (Paap) hulp van Arie, Arie's vrouw en de mevrouw en haar dochtertje van de zendpost werden mede gearresteerd. ARIE, ROEL en JAAP zijn allen omgekomen. Het toestel en het seinplan (van Lt. Wiedemann) gingen verloren. De code was echter aan geen der gearresteerden bekend.

Bramine Eelcoline van der Aa-Meertens (Batavia, 17 september 1893 – Ravensbrück, 21 februari 1945) was een Nederlands verzetsstrijdster tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Ze werd geboren in Batavia, als dochter van Jacobus Meertens en Louise Pruys van der Hoeven. Abraham Pruijs van der Hoeven is haar grootvader. In 1915 trouwde ze in Londen met Henri Pierre Marie van der Aa, van wie ze in 1933 scheidde.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog had zij een joodse onderduiker in huis. In de schuur bij haar huis, aan de Oude Arnhemse Bovenweg in Doorn, bevond zich een radiozendpost van de Raad van Verzet. In juni 1944 werd tijdens het zenden een inval gedaan door de Duitse bezetter. Niet alleen de marconisten, maar ook Meertens en haar dochter Jacqueline Louise van der Aa werden door de Duitse bezetter gearresteerd.
Ze overleed op 21 februari 1945 in het vrouwenconcentratiekamp Ravensbrück. Anderhalve maand later overleed daar ook haar dochter Jacqueline.

In Augustus 1944 werkten de volgende zenders:

AREND, Amsterdam,
GRUTTO, Den Haag
ROEK, Rotterdam
EKSTER, Eindhoven
UIL, Centrum-zender (aanvankelijk te Neder-Langbroek).
GAAI, Garderen, kwam nooit in functie ten gevolge van overval in Drie. De marconist werd met het buitenlanfsche toestel gearresteerd en men heeft de ZOBI hierna begraven.

Na de bevrijding van Eindhoven werd EKSTER het leidende station, dat wil zeggen dat alle berichten van bezet gebied onderling via EKSTER moesten loopen.

Tenslotte zijn er wanhopige pogingen gedaan om een zendstation achter de IJssel te vestigen, daar men meende dat dit deel van Nederland wel later bevrijd zou worden dan West-Nederland.
In Vroomshoop is de Radiodienst in Februari 1945 enkele dagen in de lucht geweest, doch na de arrestatie van LEX (Dr.Eskes) en diverse anderen, is het LEO (de Beaufort) niet gelukt weer in de lucht te komen.


Wat verzond de Radiodienst?

De opzet van de Radiodienst was voor derden berichten te verzenden. Dit was uiteraard in de eerste plaats de RVV, Voorts ARNOLD (
van Bijnen), Piet van Ingen, Wiedemann, soms ook 'Herman van de Russen' en diverse anderen.
De contact-commissie van de G..C. heeft haar telegrammen aan de regeering onder andere over Radiodienst verzonden, idem het College van Vertrouwensmannen.
Door de RVV waas gevormd het zogenaamde operatie-centrum van waar uit alle militaire operaties geregeld en geleid werden. Daar de Radiodienst grootendeels voor de RVV werkte en dus een soort verbindingsdienst vormde, werd de leiding van de Radiodienst ook in genoemd operatie-centrum opgenomen en werd ook een zendstation (UIL) in de nabijheid onderhouden.
De Indeeling van radiodistricten, zooals deze aanvankelijk werd gemakt, kwam te vervallen en werd vervangen door radiodetachementen. Elk detachement zou komen te beschikken over een binnenlander en een buitenlander en ingedeeld worden bij een brigade van de RVV.


Radiokringen en Zendposten.

Een zenddistrict of detachement bestond uit een aantal radiokringen. Een radiokring is een complex van zendposten, welke streng worden gekeurd alvorens zij in gebruik worden genomen, bijvoorbeeld ten opzichte van inkwartiering van Duitschers in de buurt, de ligging van het huis in verband met peilmogelijkheden moet aan een nauwkeurig onderzoek onderworpen worden.
De Marconist mag slechts gedurende een korte tijd zenden op één en dezelfde post. In de stroomloze periode kon hier helaas niet de hand an gehouden worden, dar de plaatsen waar nog stroom was, niet talrijk genoeg waren. Men werkte echter ook met accu's. Behalve uit zendposten bestond een radiokring nog uit een logeeradres voor den marconist (een adres dat brandschoon moet zijn) en een bergadres voor de zender. Geen cumulatie van risico's dus.

Over de code kan niet nader in bijzonderheden getreden worden.


Buitenlandsche verbindingen.

Acht dagen na de overval van de SD op de Centrum zender, was de Radiodienst weer in de lucht, op een eigen gebouwd toestel dat voor buitenlandsch verkeer was omgebouwd.
Via de zender van Wiedemann (JAAP) was namelijk aan de overkant om sets gevraagd. 'Piet de Springer' (
Jan de Bloois) kwam uit de lucht met twee toestellen met seinplan. Door het breken van het touw van de leg-bag werden de toestellen geheel en de kristallen gedeeltelijk vernield.
LEX (
Floris ter Laaken) wist 2 binnenland sets om te bouwen zoodat ze met kristallen voor buitenlands verkeer gebruikt konden worden.
Eind Juni 1944 werd weer contact gemaakt met twee agenten WIM (Faber) en Weerink (
Herman Leus), die beiden over een code maar door een ongelukkige sprong over slechts één apparaat zonder kristallen beschikten.
Weerink kon tenslotte over een goed toestel zenden dankzij de kristallen van de Radiodienst (gedeeltelijk nog in bezit, gedeeltelijk door JOPIE (de Vries) bij Philips in Eindhoven na gemaakt).
Midden Juli 1944 werd contact gemaakt met FOPKONIJN (Buunk); deze had voor de Raaadiodienst twee complete sets bij zich.
De buitenland zenders hebben gewerkt in de omgeving van:

1. Amsterdam.
2. Breukelen.
3. Rotterdam.
4. Veluwe (slechts kort).
5. Vroomshoop (nieuw centrum voor over de IJssel).


De diverse zenders.

Arend-Amsterdam. Na Dolle Dinsdag kwam Arend weer geregeld in de lucht (na eerst op D-Day opgerold geweest te zijn). De telegrammen werden van diverse postadressen gehaald en naar het zogenaamde code-bureau gebracht. Daar werden ze gecodeerd. Andere koeriersters brachten deze telegrammen naar de zendpost. De Amsterdamsche radiocommandant was niet op de hoogte van de code, noch van de inhoud van de telegrammen uit security overwegingen.
Rond het zendadres stonden peilwachters opgesteld, die niet anders te doen hadden dan de omgeving te verkennen en te waarschuwen zoodra zij een peilwagen in de buurt zagen rondrijden.
Eenmaal ontdekte de commandant van AREND een peilwagen en heeft de marconist net op tijd kunnen waarschuwen.
De zender werd door de td vervoerd door een koerierster-verpleegster, in een röntgenapparaat.
De antennes werden door op het dak van de zend-adressen aangebracht door jongens, gestoken in PTT uniform.
AREND had een zware tijd in Februari 1945, toen de zender GRUTTO en UIL opgerold waren en hij de telegrammen van die steden ook nog te verwerken kreeg.

Het aantal verzonden telegrammen vaan AREND nar EKSTER: 1450.
Het aantal ontvangen telegrammen door AREND van EKSTER: 1212.

Op 25 Februari 1945 vond, hoe i niet bekend, maar niet door uitpeiling, een overval plaats door de SD in het Ons-Lieve-Vrouwe-Gasthuis. De marconist was aan het seinen. Hij heeft zich moedig verdedigd, twee SD-ers aangeschoten, maar werd zelf doodelijk getroffen (
Pierre Coronel).
Na een nieuwe zender met bijbehoorend seinplan te hebben ontvangen ging men in Maart 1945, zij het met de uitersste voorzichtigheid, weer aan de slag.
In April 1945 had JOOST gezorgd dat het contact tusschen AREND en UIL feilloos was, in verband met eventuele gevechtshandelingen in 't Gooi en op de Veluwe. Dit waren de eenige zenders die direct met elkaar in verbinding stonden. Al het andere contact ging via het leidende station EKSTER.

In de loop van 1944 kwam Pierre Coronel in contact met de Radiodienst van de Raad van Verzet (RVV): een landelijke koepelorganisatie van verzetsgroepen.
Na korte tijd op de Veluwe te hebben gewerkt, kwam Coronel in september 1944 als marconist bij de Amsterdamse radiokring van de Radiodienst. Vanaf verschillende adressen in de hoofdstad verstuurde en ontving hij met zijn zender Arend ruim 2.650 gecodeerde telegrammen naar en van Bureau Inlichtingen in  het reeds bevrijde Eindhoven.
Eind december 1944 werd het in verband met moeilijkheden met de stroomvoorziening te ingewikkeld om de zender op een particulier adres te houden. Daarom werd deze overgebracht naar het laboratorium van de patholoog-anatoom dr. J.C. Pompe van het Onze Lieve Vrouwen Gasthuis in Amsterdam.
Op 25 februari 1945 vond in het laboratorium een inval plaats door een groot aantal leden van Sicherheitspolizei en de Ordnungspolizei. Het is onduidelijk hoe de Duitsers wisten dat de zender hier stond. Bij het vuurgevecht dat daarop volgde werd Coronel dodelijk getroffen. Enkele dagen later werd zijn stoffelijk overschot begraven in de duinen bij Overveen.
Na de oorlog is hij herbegraven op de Eerebegraafplaats Bloemendaal.

Zie netwerk AREND.


GRUTTO-Den Haag
. De manier van werken is niet anders geweest dan in Amsterdam Ook hier koeriersters die het overbrengen van telegrammen en het verplaatsen van de zender verzorgden. Ook hier telkens naar nieuwe zendposten, ook extra moeilijkheden in de stroomloze tijd.
Op 7 Februari 1945 werd GRUTTO uitgepeild, hetgeen het leven heeft gekost aan den marconist en drie anderen.


ROEK-Rotterdam. In Rotterdam ging aanvankelijk alles van een leien dakje. Tijdens de groote razzia's van November 1944 werden de beide marconisten opgepakt (zij wisten na verloop van tijd weer te ontsnappen). Een nieuwe marconist moest echter aangetrokken worden. Contact met EKSTER verliep vlot.
Nadat eenmaal de peilwagen tijdig ontdekt was, ontdekten de Duitschers even later de buitenlandse zender, waarbij twee marconisten gearresteerd werden. De zenders werden in beslag genomen, men zat net in het stroomloze tijdperk, had groote moeilijkheden met het laden van accu's , kortom men zag bijna geen uitweg meer voor alle moeilijkheden. Toch werden deze overwonnen.
Van 1 Februari af is ROEK weer in de lucht, Eén dezer zendposten bevond zich in de Vredeskerk. Al spoedig ontdekte de marconist dat er vlakbij gepeild werd. Een huis aan de overzijde van de straat werd omsingeld. Men heeft een fout bij het peilen gemaakt, dikwijls ontstaat die door een kruispunt van tramdraden. Zelfs één dag voor de bevrijding werd ROEK nog bijna uitgepeild, maar ook nu weer kon de vijand hen niet vinden.
ROEK had steeds zeer belangrijke berichten over de haven; vernietiging van de havens, ligging van blokkade schepen, etc.


UIL-Centrumzender. Deze zender stond, zooals reeds gezegd, aanvankelijk ten dienste van het operatiecentrum van de RVV. Hij stond eerst in Neder-Langbroek tot eind December 1944. De buurt kwam toen vol Duitschers, hetgeen te gevaarlijk werd.
Hij werd verplaatst naar Soestdijk, waar hij op 9 Februari werd opgerold. De marconist werd gearresteerd, maar kwam na de bevrijding weer naar huis.
Tenslotte kwam UIL naar Hilversum, waar hij tot de bevrijding bleef.


In October 1944 werd LEO (
Floris ter Laaken) over de IJssel gestuurd om daar een radiodetachement op te richten. De nieuwe centrumzender.
De arrestatie van LANGE JAN (
Thijssen) vertraagde echter één en ander.

In December werden diverse menschen naar Vroomshoop en Koevorden gezonden om alles in orde te maken. Inderdaad is het gelukt; op 5 Februari had men contact met B.I. (
Bureau Inlichtingen in Eindhoven).
Op 8 Februari echter werden LEX (die intusschen Landelijk Commandant was) en ALEX (Dr. Eskes) en FOPKONIJN (
Buunk) gearresteerd. LEO (de Beaufort) heeft nog wanhopige pogingen gedaan het zaakje weer op pooten te zetten; maar het is hem niet meer gelukt.

Door de Radiodienst werd georganiseerd een koeriersdienst, die nagenoeg uitsluitend Radiodienst en RVV post vervoerde, later ook B.S. (
Binnenlandse Strijdkrachten) post.
De brieven waren in couverten met een nummer, waarmee de plaats van bestemming werd aangeduid.
weggum.com