RAPPORT RADIODIENST GEWEST 2, ORDE DIENST.
TRANSCRIPTIE
De oorsprong ligt in de winter van 1942 op 1943. De latere Commandant Radiodienst van de Orde Dienst Gewest-2, Albert Zuidhof, alias 'ANTON' te Middelstum, die sergeant radiotelegragist bij de Genie was geweest, had toen voor het eerst contact met D.S. Rustema, PAØDR aldaar en nam hij bij hem aan huis eenige keren telegrammen op. Deze stond weer in contact met verschillende radio-amateurs, onder andere Tijdgat, PAØTY in de stad Groningen, die een radioverbinding met Engeland onderhielden, terwijl tevens het Orde Dienst land-net ingericht werd om bij de bevrijding dienst te doen. In deze periode kwamen de eerst zenders via Harrie Roossien binnen in Delfzijl, zie Goep Zwaantje.
Na de arrestatie van deze groep in de zomer van 1943 besloot Zuidhof samen met zijn vriend M.R.W. Bos, alias 'COR' het werk zoo mogelijk voort te zetten. Bos stond in verbinding met den toenmaligen Gewestelijk Commandant, de heer van Til, alias 'NOORDHOF' en zodoende kwam het contact met het Algemeen Hoofdkwartier van de Orde Dienst tot stand. Bos werd aangesteld als code-officier en ging naar Amsterdam om de code gegevens op te halen, terwijl Zuidhof in contact kwam met Ir. Hoekstra uit Blaricum, alias 'ARIE van DIJK'. Deze stuurde een zender plus voedingsapparaat naar Groningen, terwijl Zuidhof in samenwerking met L. de Haan te Groningen een ontvanger bouwde.
Hendrik Arius Hoekstra (Harlingen, 27 juli 1901 - Blaricum, 10 februari 1945) was een Nederlandse verzetsstrijder tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Hendrik werd geboren als zoon van houthandelaar Jan Freerk Hoekstra en Alida Leenmans. In 1910 vertrok het gezin naar Amsterdam, later naar Bussum.
Tijdens de oorlog woonde Hoekstra met zijn vrouw aan de Woensbergweg 4 te Blaricum waar hij werkzaam was als werktuigkundig ingenieur. Kort na de bezetting probeerde hij naar Engeland te reizen maar dit mislukte. Hij kwam in contact met de verzetsorganisatie die het blad Vrij Nederland uitgaf en distribueerde dit in Het Gooi. Omdat hij technisch onderlegd was vroeg Henk Hos van de organisatie hem om vanuit huis via illegale zenders contact met de geallieerden te leggen. Na de arrestatie van Hos kwam hij in contact met de Gooise OD en kwamen de zenders onder hun beheer te staan. Hij bleef zenders bouwen en plaatsen in de regio. Ook was hij samen met anderen actief om in 1943 een eigen radiodienst op te zetten. In 1944 werd via de zendinstallatie contact gelegd met de geallieerden en konden een aantal wapendroppings bestemd voor het verzet plaatsvinden (onjuist). De zender werd uiteindelijk uitgepeild door een van de drie Duitse peilwagens die in het gebied rondreden. Hoekstra werd bij de daarop volgende inval door de Sicherheits Polizei op 10 februari 1945 door hen ter plekke doodgeschoten toen hij zich met zijn pistool poogde te verzetten tegen de arrestatie.
Hij werd na de oorlog herbegraven op de Eerebegraafplaats te Bloemendaal. Tevens werd hij postuum onderscheiden met de Bronzen Leeuw per Koninklijk Besluit van 14 december 1949 en door de Amerikaanse regering met de Medal of Freedom with Bronze Palm te Amsterdam op 7 mei 1953. Bron: Wikipedia.
Gedurende de zomer van 1944 werden eenige proefuitzendingen met Amsterdam gehouden. Hierbij bleek de ontvanger niet te voldoen en daarom trad Zuidhof in verbinding zijn vriend Gerrit Bakker, die werkzaam was op het Apparaten Laboratorium van Philips te Eindhoven. Deze bouwde in zijn vrije tijd een nieuwe ontvanger met 'georganiseerd' materiaal, voor accuvoeding, dit met het oog op het mogelijk uitvallen van het lichtnet.
Inmiddels vorderden de Geallieerden opmarsch snel en werden onze Zuidelijke Grenzen overschreden. Gerrit Bakker stapte toen 's Maandagmorgens 4 September in den trein en kwam hier 's avonds in het Noorden aan. Oorspronkelijk was hij van plan naar Eindhoven terug te keeren, maar dit was niet meer mogelijk. Hij bleef toen bij ons als technicus en werd later ingedeeld bij de codedienst. Op 5 September 'Dolle Dinsdag' werd de Radiodienst gemobiliseerd.
Als telegrafisten traden op behalve Zuidhof, L. de Haan, reeds eerder genoemd en C. Pennewaard te Groningen en voor de codedienst Bos met A.N. Duursma en Frans Triezenberg, de laatste twee respectievelijk wonende te Westeremden en te Stedum. De eerste dagen werd gewerkt bij Zuidhof thuis te Middelstum, waar de zender enz, steeds verborgen was geweest en ook de proefuitzendingen hadden hier plaats gevonden. daar echter de verbinding met de staf in de stad Groningen te wenschen overliet en door oorlogshandelingen mogelijk verbroken kon worden werd de geheele apparatuur per bodewagen naar de stad vervoerd. Na veel moeilijkheden met het vinden van een geschikte plaats kwamen wij op 11 September terecht op de zolder van een bijgebouw van de puddingfabriek 'Atlanta' te Groningen.
Door den directeur, de heer N. Nagel te Haren en zijn boekhouder en fabriekschef worden wij vooral wat voeding betreft op uitstekende wijze verzorgd. De heer Nagel heeft zijn ondergrondsch werk met zijn leven moeten betalen, na de bevrijding is hij gevonden in het massagraf te Norg.
Op 22 September werd voor het eerst een CQ oproep van het leidende station in Amsterdam gehoord. Naar ons later bleek was de zender aldaar toen voor het eerst in bedrijf.
Wij mochten echter niet zenden, dan na een oproep uit Amsterdam of een op dracht van de Gewestelijke Staf en daar wij geen van beiden kregen kwam er geen contact tot stand.
De volgende dag, 23 September kwam de waarschuwing dat de Chef Staf plus meerdere stafleden waren gearresteerd, waarop wij onmiddellijk alles afbraken en in een nabij de fabriek gelegen magazijn verborgen. *A)

Puddingfabriek Atlanta, Groningen.
‘Handelsvereeniging Atlanta NV’ wordt in mei 1917 in het leven geroepen door een groepje kooplieden, onder wie de gereformeerde koffiehandelaar Hendrik Nagel sr. Het bedrijf, dat zich toelegt op de fabricage van meelproducten als puddingpoeder en de groothandel in gedroogde groenten en grutterswaren, wordt gevestigd in het pand Hoge der A 13.
In 1931 wordt Nagels oudste zoon Hendrik jr. (geb. 1905) directeur. Diens jongere broer Willem Hendrik (geb. 1910), die in Groningen rechten studeert, maakt voor Atlanta een ‘Toren Kwartetspel’. Later zal deze als criminoloog en schrijver naam maken. Als de oorlog uitbreekt worden beide broers actief in het verzet.
In 1944 laat W.H. Nagel onder zijn eigen naam Suite van de Zee en Terzinen van de Mei bij de tegenover Atlanta gevestigde drukkerij van H.N. Werkman drukken. Later schrijft hij vooral onder zijn, als schuilnaam ontstane, pseudoniem J.B. Charles. In ‘Volg het spoor terug’ blikt Willem Nagel terug op de oorlogstijd en de ‘moord’ op zijn broer.
Atlanta-directeur Hendrik Nagel jr. maakt deel uit van de verzetsgroep ‘De Groot’ en helpt onderduikers. In het najaar van 1944 geeft hij in de fabriek een tijdje onderdak aan een zender van de inlichtingengroep ‘Beatrix’. Als verzetsmensen in Uithuizen worden opgepakt en gemarteld, valt Nagels naam. Op 21 februari ’45 wordt hij gearresteerd. Net als zijn vriend Werkman wordt Hendrik enkele dagen voor de bevrijding uit het Huis van Bewaring gehaald en door een Sonderkommando van de SD naar een executieplaats gebracht. Zo vindt Hendrik Nagel op 9 april ’45 met 7 anderen in Norg de dood.
Nagel sr. heeft als ‘gedelegeerd commissaris’ in september 1945 de ondankbare taak de Kamer van Koophandel te melden dat zijn zoon Hendrik ‘wegens overlijden’ als directeur is ‘uitgetreden’ en is opgevolgd door zijn zoon Klaas (geb. 1913). De laatste, die voordien werkzaam was bij handelsmaatschappij Continental in bakkerijgrondstoffen, laat het pand aan de Hoge der A door architectenbureau Klein dan wat verhogen.
In 1951 wordt de directie van het bedrijf op een opmerkelijke wijze uitgebreid. De leiding - die naast directeur Klaas bestaat uit vader Hendrik, broer Jan (geb. 1909) en het oud- ARP kamerlid G.A. Diepenhorst als commissarissen - besluit Wilhelmus Josephus Duyker aan te stellen als mede-directeur.
De benoeming komt met name voor de weduwe van de gefusilleerde Hendrik Nagel als een schok, want Duyker heeft een oorlogsverleden! Deze in Amsterdam geboren fabrikant is van 1942 tot het eind van de oorlog namelijk ‘Verwalter’ geweest bij de van joden gezuiverde puddingfabriek Polak. Na de oorlog heeft hij twee jaar gevangenisstraf gehad vanwege zijn lidmaatschap van NSB, SS en aanverwante organisaties.
Met de broer van de gefusilleerde Nagel en de ‘foute’ Duyker samen in de directie duurt de oorlog in feite nog jaren voort. Eigenlijk komt hieraan pas een einde met het overlijden van Klaas Nagel in ’74 en het uittreden van Duyker het volgende jaar. Het einde van het oude Atlanta is dan al in zicht.
In 1977 gaat het bedrijf samen met meelproducent Dethmers. Als Atlanta-Dethmers wordt tot de dag van vandaag verdergegaan in het bedrijfspand van de laatste aan het Hoendiep. Hoge der A 13 wordt na een korte kraakperiode en ingrijpende verbouwing veranderd in een appartementencomplex.

Hendrik Nagel.
Door deze arrestaties waren al onze contacten met de Staf verbroken, behalve met het hoofd van de Verbindingsdienst, deze gaf ons opdracht het werk te staken, daar hij zelf ook alle contacten kwijt was. Wij meenden echter, dat dit niet de bedoeling kon zijnen zochten een nieuwe plaats in de provincie, die wij eindelijk na veel moeilijkheden, practisch niemand durfde ons op te nemen, vonden op de boerderij van den heer B.R. Westendijk te Uithuizermeeden.
Direct na aankomst hier werd weer begonnen met uitluisteren en al gauw hoorden wij zoowel Amsterdam als Eindhoven. De tweede dag na onze aankomst kregen wij al een overval van de S.D. maar gelukkig was het niet om ons te doen, maar om Koolzaad. Westerdijk redde de situatie door direct de aanwezige olie af te geven, waarop de beide SD-ers spoedig weer vertrokken. Dit was echter voor ons een reden om te trachten wapens te krijgen. Deze werden ons geleverd door den heer S.H.W. Bergsma, ambtenaar ter Secretarie te Uithuizermeeden die tevens ons correspondentieadres was. Hij hielp ons waar hij kon en zorgde later met groot risico voor zichzelf, dat Westerdijk geen evacuees kreeg.
Intusschen had de organisatie van de Radiodienst een belangrijke wijziging ondergaan. Voorlopig nam alleen Zuidhof als telegrafist de dienst waar, terwijl Gerrit Bakker hem technisch hielp en tevens de codedienst op zich nam, daar wij met het oog op ontdekking het liefst met zoo weinig mogelijk menschen waren, zoolang er toch geen contact met Amsterdam was.
Martinus Bos stelde alles in het werk om weer contact met de Staf te krijgen, wat ook eindelijk gelukte via den heer van Til voormalig Gewestelijk Commandant. De Gewestelijke Staf bleek verplaatst te zijn naar Hoogkerk en Bos verdeelde toen zijn tijd tusschen de radiopost en de Staf daar hij ook contact met verschillende Districtscommandanten moest onderhouden, respectievelijk weer opnemen.
Voorloopig hadden wij echter nog geen contact met de Staf en daardoor deden zich verschillende moeilijkheden voor, omdat wij schriftelijke orders van het Algemeen Hoofdkwartier (Amsterdam) niet doorkregen. Wij wisten in het begin zelfs niet eens dat het sterke station, dat de leiding overgenomen scheen te hebben, Eindhoven was. *1)
Door verschillende opgenomen (genoteerde) berichten te ontcijferen kwamen wij langzamerhand op de hoogte. Vorral Gerrit Bakker was in dit 'Speurwerk' onvermoeid en rustte meestal niet, voor wij tot een resultaat gekomen waren. (De orde Dienst gebruikte dus nog steeds dezelfde code) Toen ook later de codegetallen enz, veranderden kostte ons dit heel wat combinatie werk om de goede getallen te krijgen, maar ook dit lukte ons tenslotte. *2)
In het begin verrichten wij echter alleen luisterdienst en zaten hiervoor in een onderduikershol in het hooi, waar wij evenwel niet konden zenden.
Toen wij dan ook opgeroepen werden door Eindhoven gingen wij het hol verlaten. Een zendantenne werd gespannen en de zender werd en passant omgebouwd voor 3000 KHz, waarna op 4 November 1944 om 17:25 uur het eerste contact met Eindhoven tot stand kwam. Het was echter een lijdens geschiedenis. Wij kwamen maar heel zwak door en berichten van onze kant waren bijna niet over te krijgen. Van alles werd geprobeerd, andere antennes gespannen, etc, maar niets hielp en bleef aan modderen.
Als een redder in de nood verscheen toen Jaap van der Hul, alias 'RADIO KEES' uit Hilversum, die ons vanwege het Algemeen Hoofdkwartier op kwam zoeken. Na eenig experimenteren bleek de antennekoppeling niet te deugen en toen dit afdoende hersteld was, hadden wij steeds een een vlotte verbinding en konden de berichtensnel doorgegeven worden.
Intusschen was Gerrit Bakker door Zuidhof opgeleid tot marconist; er werd soms van 's morgens tot 's avonds geteld en gesounderd, allen onderbroken door de maaltijden en het werken met Eindhoven. Door zijn groote muzikaliteit en taaie vasthoudendheid werkte Gerrit in minder dan twee maanden vlot als telegrafist. *4) Dit kwam ons later in de wintermaanden van pas, toen Bos door ziekte niet kon reizen en Zuidhof zelf het contact moest onderhouden met de Staf te Hoogkerk.(Wat deed die Gewestelijke Staf precies?) Gerrit kon toen de dienst geheel zelfstandig waarnemen. De oorspronkelijke telegrafisten waren namelijk niet te achterhalen , doordat zij ondergedoken waren. *5)
Door Bureau Inlichtingen werd steeds aangedrongen op het doorgeven van militaire inlichtingen. deze kwamen echter zeer schaars of helemaal niet bij de Staf binnen. Met toestemming van den Chef Staf namen wij toen zelf de inlichtingen dienst ter hand. Zuidhof nam contact op met Boelens, PAHF te Hoogezand, wat direct een stroom van inlichtingen opleverde. Contact werd onderhouden via mevrouw Tijdgat, die ondanks dat haar man voor dit zelfde werk gearresteerd was, ons zoveel mogelijk hielp. Bos kwam in Delfzijl tot resultaten via den Districts Commandant, terwijl wij ook de inlichtingen van de K.P. toegezonden zouden krijgen.
Eind Januari 1945 was alles in kannen en kruiken en toen … toen wij dachten eindelijk de zaak voor elkaar te hebben kwam op Dinsdag 6 Februari 1945 de overval door de S.D. op het radiostation. Zuidhof was den Vrijdags hieraan voorafgaande met berichten naar de Staf in Hoogkerk vertrokken maar bleef met zware griep in de stad liggen. Des Dinsdags voelde hij zich in zooverre beter, dat hij naar zijn ouderlijk huis in Middelstum kon gaan. Zijn vader is toen des middags met een aantal berichten en een brief van hem voor Gerrit naar Uithuizermeeden gegaan en was daar nog toen de overval plaats vond. De avond tevoren 's Maandags 5 Februari was Jaap van der Hul alias 'RADIO KEES' weer bij ons gekomen en den heelen dag werd door dezen zoowel als door Gerrit druk gewerkt. (Men was dus veel te lang in de lucht). Verder was op de boerderij nog aanwezig Piet van Dijk uit Hilversum, die vroeger bij Westerdijk ondergedoken was geweest en pas veertien dagen terug was. Hij was begonnen met het leren van seinen en opnemen en hielp ons met de codedienst. Ook Westerdijk was zelf aanwezig evenals de dienst bode Alsje van Dijken, terwijl de huishoudster Betsy Winter afwezig was. Deze beide vrouwen hebben gedurende den tijd dat wij bij Westerdijk waren als moeders voor ons gezorgd. *6)
De overval had plaats met twee overvalwagens met ongeveer 30 á 40 Duitsche soldaten en een gewone personenauto. Direct ontstond er een vuurgevecht, waarbij Piet van Dijk sneuvelde, Gerrit Bakker en Westerdijk werden zwaar gewond, terwijl ook eenige Moffen gewond werden. Jaap van der Hul en de vader van Zuidhof (H.J. Zuidhof te Middelstum) werden gearresteerd. Ook de toestellen vielen in handen der Duitschers. Allen werden des nachts en den volgende morgen naar het Huis van Bewaring in Groningen vervoerd. Alleen de dienstbode werd niet gearresteerd, bij het verhoor hield zij zich kranig en ondanks dat zij geslagen werd, beweerde zij nergens iets vanaf te weten.
Bij Zuidhof thuis was reeds eenige ongerustheid ontstaan, doordat zijn vader niet terug kwam, maar dit werd geweten aan de slechte kwaliteit fietsbanden. Den volgende morgen verscheen er echter al vroeg een overvalwagen. Gelukkig werd deze echter nog op tijd gezien door de moeder van Zuidhof, die hem onmiddellijk waarschuwde. Hij lag nog in bed, maar kon zich tijdig in de schuur verbergen, waar hij niet werd gevonden. Wel werd zijn broer E.H. Zuidhof gearresteerd. Zuidhof liet direct de Staf in Hoogkerk waarschuwen, maar dit mocht niet meer baten, practisch de geheele Staf werd nog den zelfden opgerold.
De Sicherheitsdienst schijnt uitgebreide gegevens in handen gehad te hebben. Martinus Bos kon echter nog op tijd gewaarschuwd worden, toen de S.D. bij hem thuis verscheen, was hij reedsverdwenen. Ook de heer Bergsma reeds eerder genoemd werd later gearresteerd *7). Westerdijk, Gerrit Bakker, Bergsma en ook de heer Nagel hebben hun werk voor het Vaderland met hun leven moeten betalen. Zij werden na de bevrijding gevonden in het massagraf te Norg. Jaap van der Hul, H.J. Zuidhof en E.H. Zuidhof werden met het groote transport van 17 Maart 1945 naar Duitschland gevoerd. De beide eerst genoemden kwamen als 'Torsperres' dat wil zeggen als ter dood veroordeeldenin Neuengamme terecht en werden later aan boord van de 'Athene' in de haven van Neustadt op wonderbaarlijke wijze van de dood gered, terwijl duizenden medegevangenen de dood in de golven of in de vlammen vonden. *8)
Zij zijn voor kort in het Vaderland teruggekeerd. E.H. Zuidhof werd naar een lager bij Halberstadt gebracht en keerde al spoedig na de algeheele capitulatie naar huis terug



Westerdijk.
Bakker.
Bergsma.
Na de ramp van 6 februari waren zowel Bos als Zuidhof ondergedoken Bos kon zich vanwege zijn lichaamsgebrek niet meer vertoonen, de S.D. heeft zelfs een dag in de stag Groningen alle personen met hetzelfde gebrek op papieren laten controleren. Anton had echter al spoedig nieuwe papieren en begon weer te werken. *9) In de werkplaats van Van der Pijl aan het Gedempte Boterdiep te Groningen werd met medewerking van Jan Woortmeier, een employé van de Philips Technische Dienst Groningen een nieuwe ontvanger gebouwd. Mevrouw Beenen wier man met de vorige Radiogroep (Tijdgat) samengewerkt had en daarbij was gearresteerd hielp zooveel zij kon met onderdeelen van de Technische Dienst Philips. Ook aan de GEMA, Groninger Electriciteits Maatschappij, hebben wij wat materiaallevering betreft veel te danken.
Door den heer Boelens, PAØHF, te Hoogezand zou een zender gebouwd worden, maar door moeilijk contact ging dit niet door en werd een zender gebouwd door een vriend van Zuidhof, Klaas Berghuis, PAØKA te Bedum. Ook werd weer contact verkregen met het Algemeen Hoofdkwartier en werden nieuwe gegevens voor code- en Radiodienst ontvangen. Als marconist trad nu op behalve Zuidhof, Auke Kappenburg, alias 'WIM' te Groningen.
Oorspronkelijk zou de zender in de stad Groningen geplaatst worden, maar daar de S.D. nog zeer actief was en eenige menschen geschaduwd meenden te worden, werd een plaats gevonden op de boerderij van den heer Dam te Garrelsweer in het inundatiegebied.
Voor de code treden op Bertus Duursema, alias NICO, te Westeremden en Frans Triezenberg te Stedum, die beiden in de September dagen 1944 reeds als zoodanig dienst hadden gedaan. Zij logeerden bij de familie Groendijk te Garrelsweer. Bertus Duursma deed sinds 6 Februari tevens dienst als koerier en heeft veel afgepeddeld op zijn fiets.
Daar er op accu's gewerkt moest worden ging het niet zo erg vlot en wij hebben dan ook geen verbinding met Amsterdam gehad, evenmin met Eindhoven. Later bleek ons, dat de nieuwe codes in Eindhoven pas na de algemeene bevrijding van het land ontvangen waren.
Na ongeveer veertien dagen in Garrelsweer gezeten te hebben werden wij bevrijd en daarna waren onze werkzaamheden afgeloopen.
Groningen, 12 Juli 1945.
w.g. A. Zuidhof Commandant Radiodienst
Oppenheimstraat 15B, Groningen.
M.R.W. Bos, Code-Officier
*A)
BINNENLANDSCHE STRIJDKRACHTEN
GEWESTELIJK COMMANDANT S.G. HILVERSUM, 28 Juli 1945.
GEWEST 9 Ministerlaan 10
No.
Organisatie Inlichtingendienst Gewest 9 O.D.
Na arrestatie van den Chef Staf, Mr. J.B. Broekema in Maart 1944, die voordien de Inlichtingendienst in handen had, werd deze dienst geleid door den opvolgend Chef Staf H.W.D. Frowein, hierbij geholpen door de Plaatselijke Commandanten en leden der Gewestelijke Staf, die ter zake belangrijke berichten bij kennisname op betrouwbaarheid onderzochten en aan den Chef Staf doorgaven. Bijzondere verdienstelijk hierbij maakten zich v.d. Schatte-Olivier als inlichter en H.J.E. v.d. Ven en L.M. Pahud de Mortanges als koerier.
De inlichtingen werden ter kennis gebracht van A.H.K/O.D. rechtstreeks en betroffen indertijd geen militaire, doch economische en politieke inlichtingen.
De door A.H.K./O.D. gevraagde gegevens en inlichtingen inzake inundatie, bemaling, brugslag, enz werden in dit gewest behandeld en uitgevoerd door F.B.J. Kluvers, Hoofd Sectie V. Bij de top van de O.D. behandeld door Kolonel Kok.
In September werd Gé Verheul belast met de algeheele leiding van de inlichtingendienst op militaire basis. Een rapport over zijn werk hierbij ingesloten
Commentaar van Jan Somer, voormalig hoofd Bureau Inlichtingen.
*1) Het lijkt mij wel vreemd, dat men niet wist, dat het 'leading-station' te Eindhoven was. Er mankeerde toch blijkbaar wel iets aan de leiding. In het Noorden was men afgesloten van de rest van de Orde Dienst, hoe had men dit kunnen weten?
*2) Opmerking als voren. Slechte leiding!
*3) Wat wordt hiermee bedoeld? Een sounder wordt gebruikt bij het trainen van een marconist.
*4) Dat was een prestatie! Dat konden bij de agentenopleiding te Londen bepaald niet zo vlug werken. Het is de vraag overigens, of Gerrit voldoende seinsnelheid bezat, zodat de S.D. hem niet spoedig kon identificeren.
Het is duidelijk dat Somer van dit onderwerp geen kennis heeft.
*5) Dit was wel een goede organisatie! Had niets met organisatie te maken, men verdween gewoon.
*6) Het lijkt mij buitengewoon riskant dat Piet van Dijk 'was begonnen met het leren van seinen en opnemen'. Door het vanzelfsprekend zeer lage tempo van dat seinen kon de afluisterdienst van de S.D. bemerken, dat er een beginneling aan het werk was en kon zij gemakkelijk de zendpost door middel van de peildienst localiseren.
Denkt Somer nou werkelijk dat Piet van Dijk al trainend in de ether kwam?
*7) Waarom is deze heer na wat er was voorgevallen niet onmiddellijk ondergedoken?
*8) Bij deze ramp kwam ook onze agent De Brauw om het leven.
Dit slaat nergens op, Robert de Brauw werd in Leiden gearresteerd bij het gebruik van een S-Phone.
*9) Dat lijkt mij een gevaarlijk en roekeloos werk! Het moest echter wel gebeuren en zij zaten niet in het veilige Eindhoven.
weggum.com